De hoofdinsteek van Microsoft System Center is traditioneel gericht op het beheren van de infrastructuur van IT omgevingen. Tools zoals de Configuration Manager, Endpoint Protection en Data Protection Manager zijn daar op gericht.
In System Center 2012 is er een duidelijke verschuiving zichtbaar richting functionaliteiten voor “de cloud”. Dit is om aansluiting te houden bij de ontwikkelingen in het veld.

System Center Orchestrator 2012
Een van de belangrijkste nieuwe tools is Orchestrator (voorheen Opalis), die gebruikt kan worden als spin in het web voor het automatiseren van een datacenter.
In een eerdere blog post is al ingegaan op het onderwerp orchestratie, nu zal ik vooral in gaan op de kracht van Orchestrator en hoe het product zich verhoud tot de rest van de System Center Suite.
De interactie tussen Orchestrator en de overige onderdelen werkt twee kanten op. Zo kan Operations Manager met behulp van het specifieke Management Pack ingericht worden om de werking van de Orchestrator te monitoren.
Nog veel krachtiger zijn de Integration Packs die voor Orchestrator beschikbaar zijn. Deze Integration Packs bieden een gemakkelijke manier om met, standaard objecten binnen Orchestrator, API’s en andere functionaliteiten van de System Center Tools te communiceren.
Het eindresultaat kan een verregaand geautomatiseerde en schalende omgeving zijn. De Orchestratie voegt extra intelligentie aan de processen van het Datacenter toe.
In de praktijk
Bij moderne toepassingen zijn vaak meerdere applicaties betrokken. Een webplatform bestaat meestal uit meerdere webservers, applicatieservers en databaseservers. Op basis van informatie uit Operations Manager kan bijvoorbeeld het signaal komen dat (op basis van een business rule) een omgeving opgeschaald moet worden.
Door een Runbook in Orchestrator in te richten kan dit signaal geautomatiseerd opgepakt worden, of kan zelfs de business logica in Orchestrator geconfigureerd worden. Met behulp van Integration Packs kunnen zo geautomatiseerd extra VM’s (met VMM) worden aangemaakt en daarnaast van de juiste configuraties worden voorzien inclusief de benodigde software. Tegelijkertijd kan ook de reguliere monitoring geregeld worden.

Interacties
In bovenstaande weergave zijn de interacties gesimplificeerd weergegeven. Binnen het Datacenter wordt gebruik gemaakt van de tools van System Center. Operations Manager, Orchestrator en Service Manager zijn er voor het gemak even uitgelicht en uitvergroot om de verhouding tussen de producten goed weer te kunnen geven.
Vanuit het Datacenter wordt continue status informatie doorgegeven aan Operations Manager. De Operations Manager vertaalt deze informatie, zoals belasting van webservers naar een event (“te hoge belasting”) en geeft dit vervolgens door aan Orchestrator als signaal. Op basis van de geconfigureerde business logic bepaalt een Orchestrator Runbook hoeveel webservers er bijgeschakeld moeten worden en stuurt deze opdrachten naar Virtual Machine Manager in het Datacenter en controleert of dit daadwerkelijk uitgevoerd wordt.
Interessant is dat Orchestrator zelf ook status informatie ontvangt en daardoor intelligentie in de opdrachten kan stoppen. Zo kunnen de precondities gecontroleerd worden voor het succesvol uitvoeren van een actie: is er bijvoorbeeld wel voldoende capaciteit op storage aanwezig op een host? Zo niet, dan zal er eerst extra storage geprovisioned moeten worden. Zo kan Orchestrator het gehele proces end-to-end controleren en begeleiden.
Externe bronnen
Orchestrator is niet alleen intern op het DataCenter gericht, maar kan ook communiceren met externe bronnen. Een voorbeeld is dat een incident van Service Manager gelogd kan worden, maar ook (aangegeven met de gestippelde lijnen) kan interacteren met overige niet-infrastructurele bronnen. Hierbij kun je denken aan het toevoegen van extra informatie op basis van de business logic om de juiste prioriteit aan een incident te geven. Een ander voorbeeld is het doorgeven van de procesvoortgang of het versturen van een rapportage naar de verantwoordelijke leidinggevende.
Als laatste vind ik het belangrijk om te melden dat het toevoegen van krachtige Orchestratie en intelligentie niet betekent dat de beheerder buitenspel komt te staan. In tegendeel! Hij of zij gaat juist een centrale rol vervullen. Niet als procesuitvoerder maar als proces designer en bewaker. Op deze manier kan een beheerder veel effectiever en efficiënter zijn werk uitvoeren.